ECLI:NL:RBSGR:2009:BK3757
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging verblijfsvergunning vanwege medische noodsituatie bij HIV-behandeling in Ghana
Eiser, van Ghanese nationaliteit, vroeg verlenging van zijn verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'verblijf vanwege medische noodsituatie' vanwege een HIV-infectie. Verweerder wees de aanvraag af omdat de medische behandeling in Ghana beschikbaar zou zijn. De rechtbank vernietigde eerder een besluit wegens onvoldoende motivering over de beschikbaarheid van medicatie in Ghana en gaf verweerder opdracht dit te heroverwegen.
In het bestreden besluit motiveerde verweerder dat de conclusie over onvoldoende behandelingsmogelijkheden was gebaseerd op informatie van International SOS en niet op UNAIDS-cijfers, die slechts de algemene situatie illustreren. Het BMA-advies bevestigde dat medicatie en bloedcontroles beschikbaar zijn in Ghana en dat eiser kan reizen zonder medische begeleiding.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd waarom de beschikbaarheid van behandeling in Ghana als voldoende wordt beschouwd en dat de feitelijke toegankelijkheid van zorg niet relevant is voor de beoordeling van de medische noodsituatie. Het beroep op artikel 3 EVRM Pro faalt omdat eiser niet heeft aangetoond dat zijn ziekte zich in een vergevorderd en direct levensbedreigend stadium bevindt.
De rechtbank verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond en het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen het afwijzen van de verlenging van de verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie wordt ongegrond verklaard.