ECLI:NL:RBSGR:2010:BM6183
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over vrijval vervangingsreserve na verkoop onroerende zaken
Eiseres, een Nederlandse besloten vennootschap waarvan alle aandelen worden gehouden door een stichting met een bestuurder in Luxemburg, verkocht in 1998 en 1999 twee panden in Nederland met behaalde verkoopwinsten. Voor deze winsten vormde eiseres een vervangingsreserve. Voor het jaar 2001 gaf eiseres echter aan een agioreserve te hebben gevormd in plaats van een vervangingsreserve. Naar aanleiding hiervan legde de Belastingdienst een navorderingsaanslag op, omdat de vervangingsreserve aan de winst van 2001 moest worden toegevoegd.
De rechtbank beoordeelde of sprake was van een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt en oordeelde dat dit het geval was, omdat de inspecteur pas uit de na de aanslag ingediende aangifte kon afleiden dat het vervangingsvoornemen was opgegeven. Tevens werd vastgesteld dat de vrijval van de vervangingsreserve in Nederland belastbaar is, ongeacht de feitelijke vestigingsplaats van eiseres in Luxemburg.
Het standpunt van eiseres dat de vervangingsreserve in 1999 had moeten worden belast, werd verworpen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee de navorderingsaanslag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de navorderingsaanslag vennootschapsbelasting over 2001 wordt ongegrond verklaard.