ECLI:NL:RBSGR:2010:BM9750
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van Dublinverordening wegens verantwoordelijkheid Italië
Eiser, een Somalische vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning in Nederland. Verweerder wees deze aanvraag af op grond van de Dublinverordening (Vo 343/2003), omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek.
Eiser voerde aan dat Italië zijn non-refoulementverplichtingen niet naleeft en dat hij bij terugkeer het risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro. Hij ondersteunde dit met diverse rapporten en jurisprudentie, waaronder uitspraken van het EHRM en Amnesty International.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt. De stukken vormen geen concrete aanwijzing voor een schending. Klachten over schendingen van de Opvangrichtlijn en Procedurerichtlijn dienen in Italië te worden ingediend, evenals klachten over artikel 3 EVRM Pro, eventueel gevolgd door een klacht bij het EHRM.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en verweerder mocht zich op het interstatelijk vertrouwensbeginsel beroepen. Er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek en geen concrete aanwijzingen zijn dat Italië zijn internationale verplichtingen schendt.