ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8611
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Toepassing oude regeling vervroegde invrijheidstelling bij buitenlandse veroordeling
Eiser is in 2007 door een Engelse rechtbank veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf jaar, die in Nederland ten uitvoer is gelegd na toestemming van de rechtbank Rotterdam in 2009. Op 16 maart 2010 is eiser voorwaardelijk in vrijheid gesteld, maar met voorwaarden die hij als belastend ervaart, met name vanwege extra controles bij paspoortcontrole.
Eiser vordert in kort geding dat de Staat wordt verboden de executie van de voorwaardelijke invrijheidstelling voort te zetten en hem behandelt alsof hij vervroegd in vrijheid is gesteld volgens het oude regime van vervroegde invrijheidstelling. De Staat voert aan dat de nieuwe regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling van toepassing is, omdat de Nederlandse rechter de straf omzet en het moment van veroordeling door de buitenlandse rechter niet bepalend is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de veroordeling door de Engelse rechter in 2007 als het bepalende moment moet worden gezien, zodat de overgangsregeling van toepassing is die het oude regime van vervroegde invrijheidstelling handhaaft. De Staat wordt verboden de voorwaardelijke invrijheidstelling voort te zetten en veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Staat wordt verboden de executie van de voorwaardelijke invrijheidstelling voort te zetten en moet eiser behandelen alsof hij vervroegd in vrijheid is gesteld.