ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4150
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onjuiste toepassing reispapieren en beoordeling seksuele geaardheid
Eiseres diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door verweerder werd afgewezen vanwege het ontbreken van reispapieren en onvoldoende onderbouwing van haar reisverhaal.
De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte het ontbreken van reispapieren aan eiseres toerekent, terwijl zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij tijdens haar reis volledig afhankelijk was van een reisagent die de documenten beheerde. Hierdoor is het niet toegestaan om het ontbreken van reispapieren tegen haar te gebruiken volgens artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, van de Vreemdelingenwet 2000.
Voorts heeft verweerder de geloofwaardigheid van het asielrelaas beoordeeld met de maatstaf van positieve overtuigingskracht, wat niet aan hem maar aan de rechtbank toekomt. De rechtbank beveelt dan ook een herbeoordeling aan.
Ten aanzien van de seksuele geaardheid van eiseres oordeelt de rechtbank dat van haar niet kan worden verlangd deze na terugkeer te onderdrukken of te verbergen, omdat dit een wezenlijk element van haar persoonlijkheid betreft. Het bestreden besluit is hiermee in strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd.