ECLI:NL:RBSGR:2011:BR4075
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C.H.M. Lips
- J.P.F. Slijpen
- K.M. Braun
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek kwijtschelding lening aan dochter niet voor verwezenlijking vatbaar
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om een lening van €13.625 die eiseres en haar overleden echtgenoot in 2002 aan hun dochter hebben verstrekt, aangemerkt als lening aan een beginnende ondernemer. Na het overlijden van de echtgenoot in 2006 ontstond een schuld van €54.665 van eiseres aan haar dochter, opeisbaar bij haar overlijden. Omdat de dochter de lening niet kon terugbetalen, wilde eiseres deze kwijtschelden en vroeg zij een beschikking waarin werd verklaard dat haar rechten als geldgever niet meer voor verwezenlijking vatbaar waren. Verweerder wees dit verzoek af.
De rechtbank stelt vast dat de lening voor verwezenlijking vatbaar is omdat deze kan worden verrekend met de schuld aan de dochter. In een zakelijke verhouding is het niet aannemelijk dat een crediteur een vordering kwijtscheldt zonder de schuldpositie van de debiteur te beïnvloeden. De rechtbank verwerpt het beroep op het vertrouwensbeginsel, omdat de folder waarop eiseres zich beroept niet ziet op de verwezenlijkbaarheid van de lening. Tevens oordeelt de rechtbank dat zij niet bevoegd is de billijkheid of innerlijke waarde van de wet te toetsen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en verweerder mag de beschikking handhaven. Er worden geen proceskosten toegewezen. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de beschikking dat de lening voor verwezenlijking vatbaar is.