ECLI:NL:RBSGR:2011:BR6221
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen vrijheidsontnemende maatregel bij toegang geweigerd vreemdeling
Eiseres is op 10 juli 2011 de toegang tot Nederland geweigerd en direct in bewaring gesteld op grond van artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Zij stelde beroep in tegen deze vrijheidsontnemende maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank behandelde het beroep op 2 augustus 2011.
De kern van het geschil betrof de vraag of verweerder verplicht was een lichter middel toe te passen in plaats van detentie. Eiseres had bij aankomst aangegeven asiel te willen aanvragen en was mogelijk slachtoffer van mensenhandel, wat haar detentie zwaar maakte. De rechtbank overwoog dat de Opvangrichtlijn niet van toepassing is op vreemdelingen aan wie de toegang is geweigerd, maar dat de Terugkeerrichtlijn wel van toepassing is.
Volgens artikel 15 van Pro de Terugkeerrichtlijn moet eerst worden onderzocht of een minder dwingende maatregel dan detentie doeltreffend kan zijn. De rechtbank oordeelde dat verweerder dit onderzoek niet had verricht en dat het grensbewakingsbelang niet automatisch het gebruik van een lichter middel uitsluit. Daarom was de vrijheidsontnemende maatregel niet gerechtvaardigd en werd het beroep gegrond verklaard.
De rechtbank beval onmiddellijke opheffing van de maatregel en kende een schadevergoeding toe van € 2.080,-- voor de onrechtmatige detentie. Tevens werden de proceskosten van € 874,-- aan eiseres toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de vrijheidsontnemende maatregel wordt opgeheven en schadevergoeding van € 2.080,-- wordt toegekend.