ECLI:NL:RBSGR:2011:BT2913
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op visumaanvraag bezwaar en toepassing dwangsomwet
Eiser diende op 5 augustus 2010 een visumaanvraag in die op 13 september 2010 werd afgewezen door verweerder. Eiser maakte bezwaar tegen deze afwijzing en stelde verweerder vervolgens in gebreke vanwege het uitblijven van een beslissing op het bezwaar. Op 8 april 2011 stelde eiser beroep in tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar.
De rechtbank constateerde dat het beroep ontvankelijk was en dat de beslistermijn was overschreden. De kernvraag betrof de toepasselijkheid van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen op het besluit van 13 september 2010. De rechtbank concludeerde dat het besluit mede was gebaseerd op het Soeverein Besluit, waardoor de artikelen 4:16 tot en met 4:20 van de Awb niet van toepassing waren en geen dwangsommen waren verbeurd.
De rechtbank bepaalde dat verweerder alsnog binnen twee weken een beslissing op bezwaar moest nemen en stelde een dwangsom vast voor het geval deze termijn zou worden overschreden. Tevens veroordeelde de rechtbank verweerder tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser. De uitspraak wijkt af van een eerdere uitspraak van een andere rechtbank over soortgelijke kwesties.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar is gegrond verklaard, met de verplichting voor verweerder om binnen twee weken alsnog te beslissen en een dwangsom bij overschrijding.