ECLI:NL:RBSGR:2011:BV2023
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. van Zeben-de Vries
- G.J. van Leijenhorst
- R.C.H.M. Lips
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag winstaandeel 2006 en toerekening gebruiksvergoedingen platforms
Eiseres, actief in de opsporing en winning van aardgas op het Nederlandse continentale plat, is medehoudster van verschillende winningsvergunningen en participeert in Unitisation Agreements (UA) met andere vergunninghouders voor gezamenlijk gebruik van platforms. Verweerder legde een navorderingsaanslag winstaandeel op voor 2006, waarbij hij vergoedingen voor het gebruik van platforms deels tot het resultaat voor het winstaandeel rekende.
De kern van het geschil betreft de vraag of deze gebruiksvergoedingen behoren tot de opbrengsten van het winningsbedrijf en dus aan het winstaandeel onderworpen zijn, dan wel dat het gaat om vergoedingen voor derdengebruik die buiten de heffing blijven. De rechtbank stelt vast dat het winstaandeel per vergunning moet worden bepaald en dat vergoedingen voor eigen gebruik door eiseres tot de grondslag behoren, terwijl vergoedingen voor derdengebruik buiten beschouwing blijven.
Verweerder mocht de navorderingsaanslag opleggen, maar trok ten onrechte een ruimere grens dan de vergunning toe. De rechtbank oordeelt dat de correcties deels in stand blijven en deels worden vernietigd. Ook de heffingsrente wordt dienovereenkomstig verminderd. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiseres.
De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank 's-Gravenhage op 7 december 2011 en biedt duidelijkheid over de fiscale behandeling van gebruiksvergoedingen binnen complexe samenwerkingsverbanden in de winningssector.
Uitkomst: De navorderingsaanslag winstaandeel 2006 wordt gedeeltelijk verminderd tot een resultaat van € 373.430.470 en de heffingsrente dienovereenkomstig aangepast.