ECLI:NL:RBSGR:2012:BV3372
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.A. Koppen
- W.J. Don
- M.E. Groeneveld-Stubbe
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling Nederlanderschap wegens onjuiste persoonsgegevens bij naturalisatie
De verzoeker, die als vluchteling uit Iran naar Nederland kwam, heeft in 1995 een naturalisatieverzoek ingediend met foutieve persoonsgegevens, waaronder een andere geboortedatum en naam dan zijn werkelijke identiteit. Hoewel hij niet opzettelijk heeft misleid, was hij onvoldoende identificeerbaar voor de Nederlandse instanties bij zijn naturalisatieverzoek.
De rechtbank onderscheidt de situatie van naturalisaties voor en na 1 april 2003. Omdat de naturalisatie van verzoeker vóór die datum plaatsvond, geldt dat een besluit met valse persoonsgegevens geen rechtsgevolg heeft, tenzij bijzondere omstandigheden aantonen dat de verzoeker toch voldoende identificeerbaar was. De rechtbank oordeelt dat dit niet het geval is, mede vanwege het verschil in geboortedatum en geboorteplaats.
Verzoeker voerde aan dat zijn naam en geboortedatum onjuist waren door omstandigheden in Iran en dat hij dit ook meermalen had aangegeven. Dit leidt echter niet tot voldoende identificatie. Ook het beroep op het Rottmann-arrest faalt omdat verzoeker voorafgaand aan naturalisatie geen EU-burger was en de situatie niet vergelijkbaar is.
De rechtbank concludeert dat het Nederlanderschap niet is verkregen en wijst het verzoek tot vaststelling af.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap wordt afgewezen wegens onvoldoende identificeerbaarheid door foutieve persoonsgegevens bij naturalisatie.