ECLI:NL:RBSGR:2012:BW2565
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt rechtstreekse beroepsmogelijkheid tegen inreisverbod bij afwijzing opvolgende asielaanvraag
Eiser, een Somalische nationaliteit, diende op 7 februari 2012 een opvolgende aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, welke door verweerder op 15 februari 2012 werd afgewezen met oplegging van een inreisverbod van twee jaar. Eiser stelde dat hij geen mogelijkheid had gehad om het land te verlaten en dat er bijzondere omstandigheden waren die het inreisverbod zouden moeten voorkomen.
De rechtbank overwoog dat het eerdere besluit van 20 augustus 2009 waarin de eerste asielaanvraag werd afgewezen, in rechte onaantastbaar is verklaard. De rechtbank benadrukte dat alleen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die na het eerdere besluit zijn voorgevallen, een hernieuwde toetsing rechtvaardigen. Eiser had geen dergelijke nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd.
Verder stelde de rechtbank dat het inreisverbod onderdeel uitmaakt van het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag en dat tegen dit inreisverbod rechtstreeks beroep openstaat. De rechtbank verwierp het beroep omdat eiser geen bijzondere omstandigheden had aangetoond die het opleggen van het inreisverbod zouden verhinderen. De stelling dat eiser niet de mogelijkheid had om terug te keren werd niet onderbouwd en verweerder is niet verplicht de terugkeer te faciliteren.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de kostenveroordeling af. Partijen kunnen binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod en de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.