ECLI:NL:RBSGR:2012:BY1945
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige verlenging bewaring vreemdeling wegens onvoldoende onderbouwing niet-meewerken aan uitzetting
Eiser, een vreemdeling van (gestelde) Indiase nationaliteit, werd op 18 december 2011 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De minister verlengde de bewaring met twaalf maanden, stellende dat eiser onvoldoende meewerkte aan zijn uitzetting. Eiser voerde beroep aan tegen deze verlenging en tegen de voortzetting van de bewaring.
De rechtbank stelde vast dat eiser weliswaar geen documenten kon overleggen ter bevestiging van zijn identiteit en nationaliteit, maar dat hij actief meewerkte door een laissez passer-aanvraag in te vullen, zich te presenteren bij de Indiase autoriteiten, en pogingen deed om documenten via familie en ambassade te verkrijgen. De rechtbank oordeelde dat deze inspanningen beduidend meer waren dan bij de meeste andere vreemdelingen in bewaring en dat dit onvoldoende grond bood voor verlenging van de bewaring wegens niet-meewerken.
Verder werd overwogen dat het wachten op een reactie van de Indiase autoriteiten onvoldoende was om de verlenging te rechtvaardigen, zeker nu eiser al ruim vier maanden voor het verlengingsbesluit was gepresenteerd en er geen concreet aanknopingspunt was dat snel een laissez passer zou worden afgegeven. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het verlengingsbesluit gegrond en oordeelde dat de bewaring na zes maanden onrechtmatig was geworden.
Ten aanzien van het vervolgberoep tegen de voortzetting van de bewaring na zes maanden oordeelde de rechtbank dat verweerder voldoende inspanningen had verricht en dat er zicht op uitzetting bestond. Het beroep tegen het vervolgberoep werd ongegrond verklaard. De rechtbank beval de onmiddellijke opheffing van de bewaring en kende eiser een schadevergoeding toe van €1.520,-- voor de periode van bewaring. Tevens werden proceskosten aan eiser toegekend.
Uitkomst: De verlenging van de bewaring met twaalf maanden is onrechtmatig verklaard, de bewaring moet na zes maanden worden opgeheven en eiser krijgt een schadevergoeding toegekend.