ECLI:NL:RBSGR:2012:BZ0740
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke gegrondverklaring beroepen omzetbelasting 2002-2006 met matiging boetes en kostenvergoeding
Eiser, een ondernemer in de bouw en renovatie van chalets, betwistte naheffingsaanslagen en boetes omzetbelasting over de jaren 2002 tot en met 2006 opgelegd door de Belastingdienst na een boekenonderzoek. De rechtbank onderzocht de administratie, vermogensvergelijkingen en bewijsstukken.
De rechtbank oordeelde dat de administratie van eiser voor de jaren 2003-2006 niet voldeed aan wettelijke eisen, waardoor omkering van de bewijslast van toepassing was. Voor 2002 was dit niet het geval. Diverse correcties op de aangiften werden als redelijke schattingen bevestigd, maar enkele correcties werden vernietigd wegens onvoldoende bewijs of onjuiste toerekening.
De boetes werden deels vernietigd wegens gebrek aan bewijs van opzet of grove schuld, en gematigd met 20% vanwege overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank wees een proceskostenvergoeding toe van € 2.518,50 en vergoedde het betaalde griffierecht. Een verzoek om immateriële schadevergoeding wegens termijnoverschrijding werd afgewezen omdat de overschrijding mede aan eiser te wijten was.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen deels gegrond, vermindert naheffingsaanslagen en boetes, matigt boetes wegens termijnoverschrijding en veroordeelt verweerder tot proceskostenvergoeding.