ECLI:NL:RBSHE:2008:BD5215
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Kort geding
- J.H.W. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Verbod op tenuitvoerlegging vonnis bij onduidelijkheid over datum arrest en cassatietermijn
Beursgebouw BV verhuurt sinds 1991 bedrijfsruimte aan Bavaria NV, die deze sinds 1993 onderverhuurt aan eiser voor horeca. Na een geschil over de huur heeft de kantonrechter op 7 december 2006 het einde van de huurovereenkomst vastgesteld en Bavaria NV en eiser tot ontruiming veroordeeld, maar het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het hof heeft dit vonnis op 18 maart 2008 bekrachtigd, maar de grosse van het arrest vermeldde een datum van 11 maart 2008, wat tot onduidelijkheid leidde over de juiste datum van uitspraak.
Beursgebouw BV stelde dat het cassatieberoep te laat was ingesteld omdat het arrest feitelijk op 11 maart 2008 zou zijn gewezen, waardoor het vonnis kracht van gewijsde zou hebben gekregen. Eiser stelde echter dat de datum van 18 maart 2008 geldt en dat het cassatieberoep tijdig is ingesteld. De rechtbank oordeelde dat in beginsel de datum in het arrest doorslaggevend is, maar dat de discrepantie tussen de datum in het arrest en de aantekening op de grosse aanleiding geeft tot twijfel.
De rechtbank besloot daarom dat het vonnis van 7 december 2006 nog geen kracht van gewijsde heeft en dat het vonnis niet ten uitvoer mag worden gelegd zolang het cassatieberoep niet is beslist, tenzij de Hoge Raad het vonnis alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaart of het cassatieberoep wordt ingetrokken. Tevens werd een dwangsom opgelegd bij overtreding van dit verbod.
Uitkomst: Beursgebouw BV en Bavaria NV wordt verboden het vonnis van 7 december 2006 ten uitvoer te leggen zolang het cassatieberoep niet is beslist, met dwangsommen bij overtreding.