ECLI:NL:RBSHE:2008:BD5310
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G.J.M. Peeters
- Y.S. Klerk
- G.H. de Heer-Schotman
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid wegens detentie onvoldoende gemotiveerd
Eiser, leraar in het speciaal onderwijs, was van september 2005 tot januari 2007 in voorlopige hechtenis. De arbeidsovereenkomst werd op verzoek van de werkgever ontbonden per 15 december 2006. Na zijn schorsing uit detentie vroeg eiser een WW-uitkering aan, die werd geweigerd omdat hij verwijtbaar werkloos werd geacht wegens dringende reden. Verweerder stelde dat detentie en onbereikbaarheid een dringende reden vormden.
De rechtbank oordeelt dat detentie op zichzelf geen dringende reden tot ontslag is en dat het langdurig onbereikbaar zijn een direct gevolg is van detentie en daarom ook geen dringende reden oplevert. Verweerder heeft onvoldoende onderzoek gedaan naar de feitelijke omstandigheden, waaronder de communicatie tussen eiser, werkgever en diens vertegenwoordigers. De vertrouwensverstoring werd niet feitelijk onderbouwd.
Daarom ontbeert het besluit een deugdelijke feitelijke grondslag en motivering, waardoor het beroep gegrond wordt verklaard en het besluit wordt vernietigd. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de WW-uitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende feitelijke grondslag en motivering.