ECLI:NL:RBSHE:2011:BU3918
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettelijke bevelsbevoegdheid en veroordeling voor mishandeling politieambtenaar
Op 20 juli 2011 werd verdachte ten laste gelegd van het mishandelen van een politieambtenaar en het niet opvolgen van een bevel zich te verwijderen. De rechtbank oordeelde dat het bevel niet krachtens een wettelijk voorschrift was gegeven omdat de APV van Uden geen wettelijke toezichthoudende bevoegdheid aan de politieambtenaar toekent. Hierdoor werd verdachte vrijgesproken van het niet opvolgen van het bevel.
Voor de mishandeling van de politieambtenaar, waarbij verdachte met opzet en kracht tegen de knie schopte, achtte de rechtbank het bewijs wettig en overtuigend. Verdachte werd hiervoor strafbaar verklaard.
De rechtbank legde een werkstraf van 20 uur op, subsidiair 10 dagen hechtenis, rekening houdend met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De straf is lager dan de eis van de officier van justitie, die 80 uur werkstraf eiste.
De rechtbank benadrukte het belang dat politieambtenaren hun werk kunnen doen zonder geweld te ondervinden. Verdachte werd vrijgesproken van het overige ten laste gelegde, waaronder het slaan en aanrijden van de politieambtenaar, wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van het niet opvolgen van het bevel en veroordeeld tot een werkstraf van 20 uur voor mishandeling van een politieambtenaar.