ECLI:NL:RBUTR:2005:AU4288
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. Wensink
- Y. Sneevliet
- Rechtspraak.nl
Verbod op organisatie Pleuroparade door brandwacht wegens vermeende belangenverstrengeling
Eiseres, werkzaam als brandwacht bij de gemeente Utrecht, kreeg een verbod opgelegd om zich verder bezig te houden met de organisatie van de Pleuroparade, een betoging kritisch over de Europese Unie. Dit verbod werd opgelegd vanwege vermeende belangenverstrengeling en mogelijke schade voor het aanzien van het ambt en de integriteit van de brandweer en politie.
De rechtbank overweegt dat het organiseren van een betoging onder het grondrecht van artikel 9 van Pro de Grondwet valt, net als het deelnemen daaraan. Een onderscheid tussen organiseren en deelnemen kan niet leiden tot een preventief verbod op het organiseren. De beperking van grondrechten moet gebaseerd zijn op artikel 125a van de Ambtenarenwet en mag niet preventief zijn.
De rechtbank stelt dat verweerder niet heeft aangetoond dat het goede functioneren van de brandweer door de organisatie van de Pleuroparade niet in redelijkheid verzekerd is. Er zijn geen concrete feiten die aantonen dat de gedragingen van eiseres de primaire oorzaak zijn van een verstoring binnen de brandweer. Daarom wordt het besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen.
Daarnaast krijgt eiseres het betaalde griffierecht en proceskosten vergoed. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit en kan worden aangevochten bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het verbod op het organiseren van de Pleuroparade wordt vernietigd omdat niet is aangetoond dat het goede functioneren van de brandweer in redelijkheid niet verzekerd is.