ECLI:NL:RBUTR:2006:AV7894
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.J.H. van Meegen
- R. in 't Veld
- M.P. van der Burg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardebepaling woning op grond van Wet WOZ en bezwaar tegen vastgestelde waarde
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, die na bezwaar is vastgesteld op 667.000 euro per de waardepeildatum 1 januari 2003. Eiser baseert zijn betwisting op een rapport van een extern bureau dat een lagere waarde van 600.000 euro aangeeft, en op een eerdere waardebepaling uit 1999 van 408.000 euro, waarbij hij een stijging van de waarde buitenproportioneel acht.
Verweerder heeft een taxatierapport overgelegd, opgesteld door gecertificeerde taxateurs, waarin de woning is vergeleken met vergelijkbare woningen in de buurt en marktgegevens zijn geïndexeerd. De rechtbank oordeelt dat deze methode in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen en dat de taxatie zorgvuldig is uitgevoerd.
De rechtbank stelt dat verweerder zijn bewijslast heeft voldaan en dat het rapport van eiser onvoldoende inzicht geeft in de gehanteerde waarderingsmethode. De bezwaren van eiser leiden niet tot vernietiging van het besluit. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de vastgestelde waarde blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van 667.000 euro wordt bevestigd.