ECLI:NL:RBUTR:2007:BA7649
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M.J.H. Muijlaert
- S. Wijna
- D.A.C. Koster
- Rechtspraak.nl
Waarde vaststelling monumentaal object volgens Wet WOZ en bestemmingsplan
De zaak betreft de waardebepaling van een monumentaal object te [P] op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) met waardepeildatum 1 januari 2003. Eiser betwist de vastgestelde waarde en stelt primair dat er geen markt is voor het object, waardoor de waarde nihil zou moeten zijn. Subsidiair voert eiser aan dat het object slechts zeer beperkt gebruikt kan worden en dat alternatieve gebruiksmogelijkheden praktisch niet bestaan.
Verweerder heeft de waarde vastgesteld via de huurwaardekapitalisatiemethode, onderbouwd met een taxatierapport en marktgegevens van vergelijkbare objecten. De rechtbank volgt verweerder en oordeelt dat het object binnen het bestemmingsplan meerdere gebruiksmogelijkheden kent, waaronder commerciële exploitatie voor congressen en bijeenkomsten, en dat eiser deze mogelijkheden ook benut.
De rechtbank verwerpt de stelling van eiser dat de overdracht van het object in 2003 geen marktwaarde weerspiegelt, omdat deze transactie niet op de vrije markt plaatsvond. Ook de door eiser aangevoerde lagere waarde uit een eigen taxatierapport wordt onvoldoende onderbouwd geacht. De rechtbank concludeert dat het object een economische waarde vertegenwoordigt en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het monumentale object wordt ongegrond verklaard.