ECLI:NL:RBUTR:2007:BC1092
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen handhaving verbod permanente bewoning recreatieverblijf op camping De Berekuil
Eiser woont sinds eind 2001 permanent in een chalet op camping De Berekuil, terwijl de gemeente Utrecht permanente bewoning op dit kampeerterrein verbiedt. Verweerder heeft eiser bij besluit van 4 juli 2005 gelast de permanente bewoning te staken, met een dwangsom bij overtreding. Na bezwaar heeft verweerder de termijn verlengd tot 1 januari 2009, maar het verbod gehandhaafd. Eiser stelde dat hij niet op de hoogte was van het verbod en dat er sprake was van gedogen en uitzicht op legalisatie, mede vanwege recente wetswijzigingen.
De rechtbank oordeelt dat het begrip kampeerterrein moet worden uitgelegd volgens het gewone spraakgebruik en dat permanente bewoning daarop niet is toegestaan. Eiser heeft niet betwist dat hij permanent woont, wat in strijd is met het bestemmingsplan en de bouwverordening. Verweerder heeft voldoende en tijdige communicatie over het handhavingsbeleid gevoerd, waaronder publicaties, informatieavonden en brieven aan belangenorganisaties.
De rechtbank wijst het beroep af omdat geen concreet uitzicht op legalisatie bestaat en het handhavend optreden niet onevenredig is. Ook het feit dat de eigenaar van de camping geen nieuwe huurovereenkomsten sluit, wordt als privaatrechtelijke kwestie beschouwd en vormt geen reden om af te zien van handhaving. Er is geen sprake van een gedoogbeleid dat vertrouwen kan wekken dat niet zou worden opgetreden.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit inzake permanente bewoning op camping De Berekuil wordt ongegrond verklaard.