ECLI:NL:RBUTR:2009:BH6678
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A. Verburg
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- C.M. Dijksterhuis
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens illegale tewerkstelling van Poolse werknemers zonder vergunning
Eiser kreeg een bestuurlijke boete van €12.000,- opgelegd wegens het laten verrichten van werkzaamheden door drie Poolse personen zonder tewerkstellingsvergunning. De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van grensoverschrijdende dienstverlening en dat eiser als werkgever kan worden aangemerkt op grond van de feitelijke situatie.
Eiser stelde dat de boete niet in verhouding stond tot het te beschermen belang en dat de redelijke termijn was overschreden. De rechtbank volgt dit laatste standpunt, aangezien de procedure langer dan twee jaar duurde zonder dat dit aan eiser te wijten was.
De rechtbank vernietigt het besluit voor zover het de hoogte van de boete betreft en matigt de boete met 10 procent. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten en wijst de Staat aan voor vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De boete wegens illegale tewerkstelling wordt gematigd met 10 procent vanwege overschrijding van de redelijke termijn.