Uitspraak
200607461/1), is bij een besluit tot boeteoplegging het in artikel 3:4 van Pro de Awb neergelegde evenredigheidsbeginsel aan de orde. Als de toepassing van de beleidsregels voor een belanghebbende gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen, dan moet van deze beleidsregels worden afgeweken. Bij bijzondere omstandigheden die tot matiging aanleiding geven gaat het in ieder geval, mede gelet op artikel 4:84 van Pro de Awb, om individuele omstandigheden met een uitzonderlijk karakter. Het is aan degene die een beroep doet op bijzondere omstandigheden om dit beroep te onderbouwen. Dat Ekogras volgens het verslag van de hoorzitting een lening heeft afgesloten om de boete te kunnen betalen, levert op zichzelf geen bijzondere omstandigheid op. De eerst ter zitting van de Afdeling overgelegde accountantsverklaring waaruit blijkt van een negatief ondernemingsresultaat over 2005 van € 34.588 leidt niet tot een ander oordeel, te minder nu ter zitting tevens is verklaard dat het resultaat over 2006 vermoedelijk winst noch verlies te zien geeft. Het betoog slaagt derhalve.