ECLI:NL:RBUTR:2010:BO1940
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing dekking op grond van opzetclausule in aansprakelijkheidsverzekering na mishandeling
In deze verzekeringszaak vorderen eisers dat ASR dekking verleent uit hoofde van een aansprakelijkheidsverzekering voor schade veroorzaakt door hun zoon. De zoon heeft een schoolgenoot meermalen geduwd en geslagen, waardoor deze door een ruit viel en ernstig oogletsel opliep. De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de zoon een onrechtmatige daad heeft gepleegd en dat eisers aansprakelijk zijn voor de schade.
ASR beroept zich op de opzetclausule in de polisvoorwaarden, die uitsluit dat dekking wordt verleend voor schade veroorzaakt door opzettelijk en wederrechtelijk handelen. De rechtbank overweegt dat het opzet gericht moet zijn op het wederrechtelijk handelen zelf, niet op de schade. Vaststaat dat de zoon opzettelijk handelde en zich bewust was van het wederrechtelijke karakter van zijn gedragingen.
De rechtbank wijst de vordering van eisers af en veroordeelt hen in de proceskosten. Het beroep van ASR op de opzetclausule wordt als terecht beoordeeld, mede gelet op de jurisprudentie en de circulaire van het Verbond voor Verzekeraars die crimineel gedrag expliciet uitsluit van dekking.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot dekking af vanwege een geslaagd beroep op de opzetclausule.