ECLI:NL:RBUTR:2011:BR3906
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. Overbeeke
- E. Bongers
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinair ontslag politieagent wegens mishandeling en belemmering bij aanhouding
Eiser, brigadier bij de politie Utrecht, werd op 21 juli 2009 ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim, nadat hij betrokken was bij een incident waarbij hij collega’s belemmerde en mishandelde tijdens de aanhouding van zijn zoons. Na een onderzoek door het Bureau Veiligheid en Integriteit en een strafrechtelijke procedure waarbij eiser deels werd vrijgesproken op grond van putatief noodweerexces, legde de korpsbeheerder het ontslag op.
Eiser betwistte het plichtsverzuim en verwees naar het strafvonnis waarin hij werd ontslagen van rechtsvervolging. De rechtbank oordeelde echter dat het bestuursrechtelijk bewijs minder strikt is en dat het BVI-rapport en verklaringen voldoende overtuigend waren om het plichtsverzuim vast te stellen. De rechtbank stelde vast dat eiser zich bewust had moeten zijn van de aanwezigheid van politie en dat zijn gedragingen toerekenbaar waren.
De rechtbank overwoog dat het ontslag niet onevenredig was gezien de ernst van het plichtsverzuim, het vertrouwen dat was beschaamd en de integriteit van het politiekorps. Bijzondere omstandigheden zoals de gemoedstoestand van eiser en zijn staat van dienst konden dit niet veranderen. Ook het ontbreken van een bevel tot onmiddellijke tenuitvoerlegging leidde niet tot vernietiging van het besluit. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het disciplinaire ontslag wordt ongegrond verklaard en het ontslag bevestigd.