ECLI:NL:RBUTR:2012:BW3577
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen grondslag voor kosten opgraven uit algemeen graf bij belanghebbende
De zaak betreft een geschil over de aanslag van kosten voor op- en herbegraving van een overledene uit een algemeen graf. Eiseres, als belanghebbende, ontving een aanslag van € 3.245,-, waarvan na bezwaar € 2.995,- overbleef. Het geschil spitst zich toe op € 690,- kosten voor het opgraven uit het algemene graf.
De rechtbank stelt vast dat eiseres geen rechthebbende is, maar een belanghebbende, omdat zij geen uitsluitend recht heeft op het graf. De toepasselijke verordeningen onderscheiden duidelijk tussen rechthebbenden van particuliere graven en belanghebbenden bij algemene graven. De tarieventabel voorziet alleen in heffing aan rechthebbenden, niet aan belanghebbenden.
De rechtbank vernietigt daarom het deel van de aanslag dat betrekking heeft op de kosten voor het opgraven uit het algemene graf en vermindert de aanslag met € 690,-. Tevens wordt het betaalde griffierecht van € 41,- aan eiseres vergoed. De uitspraak op bezwaar wordt vervangen door deze uitspraak.
Uitkomst: De aanslag voor kosten opgraven uit het algemene graf wordt verminderd met € 690,- omdat hiervoor geen grondslag bestaat jegens een belanghebbende.