ECLI:NL:RBUTR:2012:BX0507
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Curatoren schenden mededelingsplicht bij verkoop onroerende zaak uit faillissementsboedel
Kasberg, koper van een onroerende zaak uit de faillissementsboedel van drie vennootschappen van de Van Hoogevest Groep, vordert vermindering van de koopprijs omdat huurovereenkomsten van twee huurders eerder eindigden dan door de curatoren was aangegeven. De rechtbank stelt dat curatoren als verkoper dezelfde mededelingsplichten hebben als de vennootschap vóór faillissement, maar dat de koper niet mag verwachten dat curatoren over alle informatie beschikken. Kasberg mocht verwachten dat verstrekte informatie niet in strijd was met de beschikbare dossiers, zeker gezien de mededeling dat de informatie zeer zorgvuldig was samengesteld.
De rechtbank oordeelt dat curatoren hun mededelingsplicht hebben geschonden door Kasberg niet te informeren over de vrijwel definitieve voortijdige beëindiging van de huurovereenkomst met Falkbeer en de opzegging door HDS. De opzeggingsbrief van HDS was eenvoudig vindbaar in de dossiers, en de wijziging bij Falkbeer was op het moment van mondelinge overeenkomst al feitelijk afgerond. De curatoren hebben nagelaten deze relevante informatie te delen, wat Kasberg de kans ontnam om de koopprijs correct te bepalen.
De rechtbank wijst echter persoonlijke aansprakelijkheid van de curatoren voorlopig af, omdat onvoldoende is gebleken dat zij persoonlijk wetenschap hadden van de opzeggingsbrief of beëindigingsovereenkomst. In een groot faillissement mag een curator taken delegeren en wordt wetenschap van medewerkers aan hem toegerekend, maar zonder persoonlijk verwijt kan geen persoonlijke aansprakelijkheid worden aangenomen.
Het exoneratiebeding in de gebruiksvoorwaarden van de dataroom wordt als onredelijk bezwarend beoordeeld en vernietigd voor zover het aansprakelijkheid uitsluit voor onjuiste of onvolledige mededelingen over feiten na faillietverklaring die bij de curatoren bekend zijn of behoorden te zijn. De rechtbank houdt de beslissing over de omvang van de koopprijsvermindering aan en beveelt partijen aan het geschil in der minne te regelen.
De curatoren worden veroordeeld tot inzage in lijsten met werkzaamheden van een curator, met een dwangsom bij niet-naleving. De verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: Curatoren schenden mededelingsplicht en worden veroordeeld tot inzage, maar zijn niet persoonlijk aansprakelijk; exoneratiebeding deels vernietigd.