ECLI:NL:RBUTR:2012:BX3522
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsverdeling bij geschil over functie en werkzaamheden werknemer zonder schriftelijke arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat vast dat tussen eiseres en Noorder Apotheek een arbeidsovereenkomst bestaat, maar partijen verschillen van mening over de overeengekomen functie en de daarbij behorende werkzaamheden en salariëring. Eiseres stelt dat zij in maart 2006 als tweede apotheker in dienst is getreden en werkzaamheden van een apotheker heeft verricht, terwijl Noorder Apotheek betwist dat zij in die functie is aangenomen en stelt dat zij algemeen ondersteunend medewerker is.
De kantonrechter overweegt dat op grond van de arbeidsvoorwaardenregeling en de algemeen verbindend verklaarde CAO Apotheken schriftelijk een arbeidsovereenkomst moet worden aangegaan met apothekers en apotheekwerknemers in andere functies. Nu Noorder Apotheek pas ruim drie jaar na aanvang van het dienstverband een schriftelijke overeenkomst heeft aangeboden, draagt de werkgever het bewijsrisico voor onduidelijkheden over de functie en werkzaamheden.
Daarom krijgt Noorder Apotheek de bewijsopdracht om aan te tonen dat partijen in maart 2006 overeenkwamen dat eiseres in dienst trad als algemeen ondersteunend medewerker en uitsluitend die werkzaamheden zou verrichten. Eiseres moet bewijzen dat zij vanaf het begin structureel apothekerswerkzaamheden heeft uitgevoerd en dat deze werkzaamheden binnen Noorder Apotheek voorbehouden zijn aan de tweede apotheker.
De kantonrechter wijst ook op de relevantie van salaris, het late protest van eiseres tegen het salarisniveau en andere omstandigheden zoals het aanbod tot registratie voor tweede apotheker. Verdere bewijslevering zal plaatsvinden via schriftelijke stukken en getuigenverhoren. De zaak wordt aangehouden voor nadere bewijslevering en verdere beslissing.
Uitkomst: De kantonrechter wijst bewijsopdrachten toe aan partijen over de functie en werkzaamheden van eiseres en houdt verdere beslissing aan.