ECLI:NL:RBZLY:2010:BO1279
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.B. Cornelissen
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- S.M. Milani
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontheffing kamerverhuur wegens strijd met Awb artikel 3:4
Bij besluit van 16 februari 2010 verleende het college van burgemeester en wethouders van Lelystad ontheffing voor het gebruik van een woning aan het perceel Botter 43-22 te Lelystad ten behoeve van kamerverhuur. Hiertegen werd beroep ingesteld door omwonenden en andere belanghebbenden.
De rechtbank oordeelt dat het beroep van de niet bij name genoemde omwonenden niet-ontvankelijk is wegens het niet tijdig bekendmaken van hun identiteit. Het beroep van de overige eisers is ontvankelijk en gegrond. De verleende ontheffing is gebaseerd op beleid vastgesteld op 2 november 2004, dat voorschrijft dat ontheffing wordt verleend indien een gebruiksvergunning voor kamerverhuur is afgegeven. Dit beleid weegt echter geen ruimtelijke belangen af, wat in strijd is met artikel 3:4 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank stelt vast dat het beleid kennelijk onredelijk en onverbindend is. Verweerder had de ontheffing niet op dit beleid mogen baseren, ook niet via de overgangsregeling van het in 2009 vastgestelde nieuwe beleid. Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en wordt verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak. Het door eiser betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot ontheffing kamerverhuur wordt vernietigd wegens strijd met artikel 3:4 Awb.