ECLI:NL:RBZUT:2007:AZ9734
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding en verdeling huwelijksgoederengemeenschap met toepassing Marokkaans recht
De man en vrouw, beiden met de Nederlandse en Marokkaanse nationaliteit, zijn in 1988 op het Marokkaanse consulaat te Amsterdam gehuwd. De rechtbank oordeelt dat het Marokkaanse huwelijksvermogensrecht van toepassing is, aangezien er geen geldige rechtskeuze voor Nederlands recht is gemaakt volgens het Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978.
De vrouw stelt aanspraak te maken op een deel van de waardevermeerdering van het vermogen van de man, mede door haar inspanningen en financiële bijdragen aan de bouw van een huis en olijfgaard in Marokko. De rechtbank erkent dat volgens Marokkaans gewoonterecht bewijs van deelname aan de waardevermeerdering kan worden geleverd.
De rechtbank wijst de echtscheiding toe, bepaalt dat de man huurder wordt van de Nederlandse woning en houdt de zaak aan voor nadere schriftelijke uitlatingen en bewijslevering over de omvang van de vordering van de vrouw. De verdere beslissing wordt aangehouden tot nader order.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit en bepaalt dat Marokkaans huwelijksvermogensrecht van toepassing is, met aanhouding voor nadere uitlatingen over de verdeling van de gemeenschap.