ECLI:NL:RBZUT:2009:BK4176
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen derdenbeding, nader deskundigenonderzoek naar ongerechtvaardigde verrijking door verbouwing bedrijfspand
In deze civiele zaak vordert eiseres betaling van facturen voor verbouwingswerkzaamheden aan een bedrijfspand, waarbij zij stelt dat een derdenbeding in de huurovereenkomst tussen gedaagden en huurder WIC Holding B.V. haar een rechtstreeks vorderingsrecht geeft. De rechtbank onderzoekt de strekking van artikel 10 van Pro de huurovereenkomst, waarin betaling door verhuurder aan aannemer is geregeld.
De rechtbank concludeert dat artikel 10 slechts Pro een betalingsregeling betreft en geen derdenbeding ten behoeve van eiseres inhoudt. Hierdoor heeft eiseres geen zelfstandig recht op betaling van gedaagden. Subsidiair stelt eiseres dat gedaagden ongerechtvaardigd is verrijkt door de verbouwing, die de verhuurbaarheid en waarde van het pand zou hebben verbeterd. Gedaagden betwist dit en voert aan dat de verbouwing de exploitatiemogelijkheden juist heeft beperkt.
De rechtbank oordeelt dat de vraag of sprake is van ongerechtvaardigde verrijking niet zonder nader onderzoek kan worden beantwoord. Er wordt een deskundige benoemd om onder meer te beoordelen of de compartimentering en andere werkzaamheden de verhuurbaarheid en waarde van het pand hebben verhoogd, dan wel dat de verwijdering van laaddocks de exploitatie bemoeilijkt. De zaak wordt aangehouden voor nadere deskundigenrapportage en verdere procedure.
Uitkomst: Geen derdenbeding, zaak aangehouden voor deskundigenonderzoek naar ongerechtvaardigde verrijking.