ECLI:NL:RBZUT:2011:BP6130
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering fiscaal bodembeslag op bedrijfsinventaris wegens ontbreken bodembeslag
De Ontvanger van de Belastingdienst legde bodembeslag op de bedrijfsinventaris van een café in Hengelo ter verhaal van belastingschulden van FHL Horeca B.V., die het café exploiteerde. FHL was echter geen eigenaar van de inventaris; deze behoorde toe aan Horeca Holding B.V. en Vier Jaargetijden Hengelo B.V. De rechtbank onderzocht of het pand en de inventaris ten tijde van de beslaglegging nog als bodem van FHL konden worden aangemerkt.
De rechtbank concludeerde dat FHL na haar faillissement op 9 mei 2007 niet langer feitelijk gebruik maakte van het pand en de bedrijfsvoering had gestaakt. De curator had geen feitelijk gebruik namens FHL, zodat geen sprake was van bodembeslag. Ook de door de Ontvanger aangevoerde uitzonderingen op het terughoudend beleid (afnamebeding en bedrijfsinmenging) konden niet worden toegepast omdat Horeca Holding en Vier Jaargetijden Hengelo buiten de bedrijfsvoering stonden en er geen afnameverplichting tussen hen en FHL bestond.
De Ontvanger handelde onrechtmatig door de beslagen te handhaven en de inventaris in gerechtelijke bewaring te stellen. Horeca Holding en Vier Jaargetijden Hengelo leden daardoor schade, onder meer doordat een koopovereenkomst voor de onderneming inclusief inventaris niet kon worden geëffectueerd. De rechtbank veroordeelde de Ontvanger tot betaling van schadevergoeding, te bepalen bij staat, en in proceskosten.
De vordering van de Ontvanger tot executie op de inventaris werd afgewezen, en de Ontvanger werd veroordeeld in de kosten van het geding. Dit vonnis werd in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2011 door de rechtbank Zutphen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de Ontvanger af en veroordeelt hem tot schadevergoeding wegens onrechtmatig bodembeslag.