ECLI:NL:RBZUT:2011:BR4387
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.P. van Baaren
- Tj. Gerbranda
- E.H.T. Rademaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid aanslag watersysteemheffing en overschrijding redelijke termijn
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een aanslag watersysteemheffing 2009 opgelegd door het Waterschap Vallei & Eem. Hij betoogde geen belang te hebben bij de taakuitoefening van het waterschap, vond het tarief onredelijk gestegen en stelde dat de beslissing op bezwaar niet tijdig was genomen en niet was ondertekend.
De rechtbank overweegt dat eiser geacht wordt belang te hebben bij de taakuitoefening van het waterschap, zoals ook blijkt uit de wetsgeschiedenis en jurisprudentie. Het feit dat het terrein van eiser hooggelegen is en zijn ontevredenheid over de kwaliteit van het werk van het waterschap doet hieraan niet af. De aanslag is gebaseerd op de geldende verordening en wetgeving, waarbij classificatie in omslagklassen is komen te vervallen.
Ten aanzien van de overschrijding van de redelijke termijn stelt de rechtbank vast dat de termijn van twee jaar na ontvangst van het bezwaarschrift niet is overschreden, mede gezien de bijzondere omstandigheden en het uitstelverzoek van eiser zelf. Het ontbreken van ondertekening van de uitspraak op bezwaar leidt niet tot nietigheid van het besluit.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een vergoeding van proceskosten af. De aanslag is rechtmatig en voor het juiste bedrag vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag watersysteemheffing 2009 wordt ongegrond verklaard.