Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
(…)
zich thans niet herinnert na 1 januari 1990 houder te zijn geweest van een bankrekening in het buitenland”. Hierbij verzocht gemachtigde om inzage van informatie.
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond voor zover ze betrekking hebben op de (navorderings)aanslagen IB/PVV 1990 tot en met 1993, 2000 tot en met 2008 en VB 1991 tot en met VB 2000;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar tegen de (navorderings)aanslagen (navorderings)aanslagen IB/PVV 1990 tot en met 1993, 2000 tot en met 2008 en VB 1991 tot en met VB 2000;
- verklaart het bezwaar betreffende de aanslag IB/PVV 2007 niet-ontvankelijk;
- vernietigt de navorderingsaanslagen VB 1998 tot en met VB 2000 en de daarbij behorende heffingsrentebeschikkingen;
- handhaaft de (navorderings)aanslagen en beschikkingen heffingsrente IB/PVV over de jaren 1990 tot en met 1993, 2000 tot en met 2006 en 2008 en VB over de jaren 1991 tot en met 1997 zoals deze bij de ambtshalve verleende verminderingen, genoemd in overweging 2.19, zijn komen te luiden en stelt de te vergoeden heffingsrente ter zake van de IB/PVV 2006 en 2008 dienovereenkomstig vast;
- verklaart de beroepen voor het overige ongegrond;
- gelast dat de inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 42 aan deze vergoedt;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: