Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
.
.
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart het beroep gegrond voorzover het de boete betreft die is opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2008;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voorzover die de boete betreft opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2008;
- vermindert de boete opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2008 tot € 250;
- verklaart het beroep gegrond voorzover het de boete betreft die is opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2009;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voorzover die de boete betreft opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2009;
- vermindert de boete opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2009 tot € 1.980;
- verklaart het beroep gegrond voorzover het de boete betreft die is opgelegd bij de aanslag IB/PVV over 2010;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voorzover die de boete betreft opgelegd bij de aanslag IB/PVV over 2010;
- vermindert de boete opgelegd bij de aanslag IB/PVV over 2010 tot € 990;
- verklaart het beroep gegrond voorzover het de boete betreft die is opgelegd bij de aanslag IB/PVV over 2011;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voorzover die de boete betreft opgelegd bij de aanslag IB/PVV over 2011;
- vermindert de boete opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV over 2011 tot € 2.070;
- verklaart het beroep gegrond voor zover het de aanslag ZVW 2011 betreft;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voor zover het de beslissing omtrent de aanslag ZVW betreft;
- verklaart het bezwaar tegen de aanslag ZVW 2011 niet-ontvankelijk;
- veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van € 1.860;
- gelast dat de inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 45 aan deze vergoedt.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: