Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 18 augustus 2020 van de meervoudige kamer in de zaken tussen
[Eiseres] , te [Plaatsnaam] , eiseres,
de minister van Infrastructuur en Waterstaat, verweerder.
Procesverloop
Feiten
Beroepsgronden
Wettelijk kader
Waterstaatswerk
Plaatsen hekwerk vergunningvrij
Toepasselijkheid Voorzieningenbeleid en Richtlijn/Kader
Overeenstemming met Voorzieningenbeleid en Richtlijn
Conclusies voor bestreden besluit I
Finale geschilbeslechting
Toepassing van spoedeisende bestuursdwang
Kostenverhaal
Besluit tot vaststelling van de kosten
Conclusie voor bestreden besluit II
Proceskosten en griffierecht in de procedure tegen bestreden besluit I
- verklaart het beroep tegen bestreden besluit I ongegrond, voor zover daarbij primair besluit II is gehandhaafd.
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 338,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 2.625,-;