Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 16 december 2020 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[belanghebbende] , belanghebbende
de heffingsambtenaar van de Sabewa Zeeland, verweerder
de Staat der Nederlanden (Minister voor Rechtsbescherming), derde partij.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de vastgestelde WOZ-waarde voor 2018 tot € 196.000,-;
- vermindert de aanslag OZB voor 2018 dienovereenkomstig;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar aan belanghebbende het betaalde griffierecht van
- veroordeelt de heffingsambtenaar in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van € 1.548,-;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden (Minister voor Rechtsbescherming) tot betaling aan belanghebbende van een vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 1.000,-.