Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 juli 2021 in de zaak tussen
[naam eiseres] te [plaatsnaam] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Feiten
Geschil
Beoordeling
Conclusie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiseres vroeg bijzondere bijstand aan voor de uitvaartkosten van haar vader, die op Curaçao is begraven. Het college kende aanvankelijk een bedrag toe, maar trok dit later in en vorderde het bedrag terug omdat de kosten buiten Nederland waren gemaakt.
De rechtbank overweegt dat op grond van het territorialiteitsbeginsel van de Participatiewet geen recht bestaat op bijstand voor kosten die buiten Nederland zijn opgekomen. Curaçao wordt als buitenland beschouwd, waardoor de uitvaartkosten niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand.
Daarnaast heeft eiseres niet aannemelijk gemaakt dat zij de uitvaartkosten daadwerkelijk heeft betaald, wat een aanvullende reden is om het recht op bijstand te ontkennen. Het beroep tegen de intrekking van de bijstand wordt ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het eerdere besluit niet-ontvankelijk wordt verklaard wegens gebrek aan procesbelang.
Uitkomst: Het beroep tegen intrekking van bijzondere bijstand voor uitvaartkosten in het buitenland wordt ongegrond verklaard en het eerdere beroep niet-ontvankelijk.