Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[subfonds], gevestigd te [plaats] (Verenigde Staten),
1.Motivering
- het jaar 2013 (zaaknummer 19/2731);
- het jaar 2014 (zaaknummer 19/2732);
- het jaar 2015 (zaaknummer 19/2733).
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende, een buitenlands subfonds, heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting over de jaren 2013 tot en met 2015. De rechtbank heeft de zaken aangehouden in afwachting van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Na uitnodiging tot nadere motivering heeft belanghebbende niet gereageerd. De rechtbank oordeelt dat op grond van het overgangsrecht en de jurisprudentie van de Hoge Raad geen recht bestaat op teruggaaf van dividendbelasting aan buiten Nederland gevestigde beleggingsinstellingen. Dit omdat zij niet inhoudingsplichtig zijn en daardoor niet in aanmerking komen voor de afdrachtvermindering.
Verder is niet aannemelijk gemaakt dat de participanten in het fonds aanspraak kunnen maken op teruggaaf. De beroepen worden daarom kennelijk ongegrond verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst de beroepen van het buitenlandse subfonds tegen de afwijzing van teruggaaf dividendbelasting over 2013-2015 ongegrond.