ECLI:NL:RBZWB:2021:4767
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Rechtbank wijst beroep tegen niet tijdig beslissen belastingaanslagen toe en legt dwangsommen op
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen meerdere aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2015, 2018 en 2019. De inspecteur heeft niet tijdig op deze bezwaren beslist, ondanks verlenging van de beslistermijn met zes weken. Belanghebbende heeft de inspecteur vervolgens in gebreke gesteld en beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen.
De rechtbank constateert dat de inspecteur nog geen uitspraken op bezwaar heeft gedaan en verklaart het beroep gegrond. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt de inspecteur opgedragen binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog de uitspraken te doen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van €15.000. Daarnaast is de maximale dwangsom van €5.768 reeds verbeurd.
Het verzoek van belanghebbende om een vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt afgewezen, omdat de redelijke termijn volgens de rechtbank niet is overschreden. Ook een proceskostenvergoeding wordt niet toegekend. De rechtbank bepaalt dat wettelijke rente verschuldigd is indien de dwangsommen en het griffierecht niet binnen vier weken na de uitspraak worden betaald.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, legt dwangsommen op en wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding af.