Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Motivering
- het jaar 2012 (zaaknummer 17/3789);
- het jaar 2013 (zaaknummer 17/3790);
- het jaar 2014 (zaaknummer 17/3791);
- het jaar 2015 (zaaknummer 17/3792).
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting over de jaren 2012 tot en met 2015. De verzoeken zijn gebaseerd op het standpunt dat belanghebbende vergelijkbaar is met een fiscale beleggingsinstelling en daardoor recht zou hebben op teruggaaf.
De rechtbank heeft de zaken aangehouden in afwachting van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. Na ontvangst van de motiveringsverzoekbrief heeft belanghebbende niet gereageerd. De rechtbank overweegt dat op grond van het overgangsrecht en de jurisprudentie van de Hoge Raad geen recht bestaat op teruggaaf van dividendbelasting voor buiten Nederland gevestigde beleggingsinstellingen.
Daarnaast is geen recht op rentevergoeding over de ingehouden dividendbelasting aanwezig. Ook is onvoldoende onderbouwd dat participanten in het fonds aanspraak kunnen maken op teruggaaf. De beroepen worden daarom kennelijk ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst de verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting af.