ECLI:NL:RBZWB:2022:229
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering en terugvordering wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Eiser ontving sinds juni 2016 een bijstandsuitkering die in maart 2019 werd beëindigd vanwege inkomsten boven de norm. Na heraanvraag in april 2019 werd de uitkering toegekend. Orionis startte een onderzoek na een anonieme tip over werkzaamheden van eiser als zelfstandig ondernemer en chauffeur. Eiser reageerde onvoldoende op verzoeken om bedrijfsadministratie.
Op grond van het onderzoek concludeerde Orionis dat eiser onjuiste of geen informatie had verstrekt over zijn werkzaamheden en beschikte over een Paypal-account dat niet was gemeld. Orionis trok de bijstand per 1 december 2019 in en vorderde €47.562,83 terug over de periodes juni 2016 tot maart 2019 en april tot november 2019.
Eiser voerde aan dat hij slechts beperkte inkomsten had en betoogde disproportionaliteit. De rechtbank oordeelde dat eiser de inlichtingenplicht had geschonden en dat Orionis terecht de uitkering introk en terugvorderde. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot intrekking van de bijstandsuitkering en terugvordering wordt ongegrond verklaard.