ECLI:NL:RBZWB:2023:1603
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgtoeslag en toeslagpartnerschap na verzoek tot echtscheiding
Eiseres maakte bezwaar tegen de afwijzing van haar zorgtoeslag over de jaren 2018 tot en met 2021, waarbij de Belastingdienst/Toeslagen haar voormalige echtgenoot als toeslagpartner bleef aanmerken tot 1 maart 2021. De rechtbank beoordeelde of deze aanmerking terecht was en of er ruimte was voor een belangenafweging of toepassing van het evenredigheidsbeginsel.
Uit de feiten blijkt dat eiseres sinds oktober 2018 feitelijk gescheiden leefde, maar het verzoek tot echtscheiding pas op 16 februari 2021 werd ingediend. De wet bepaalt dat het partnerbegrip voor toeslagen wordt bepaald op het moment van het indienen van het verzoek tot echtscheiding, waardoor de partner tot 1 maart 2021 als toeslagpartner geldt.
De rechtbank oordeelde dat de wet geen ruimte laat voor een belangenafweging of toetsing aan het evenredigheidsbeginsel bij de vaststelling van het toeslagpartnerschap. Het beroep van eiseres op het evenredigheidsbeginsel faalde daarom. De beroepen werden ongegrond verklaard, en eiseres kreeg geen terugbetaling van griffierecht of proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De beroepen van eiseres worden ongegrond verklaard en de voormalige echtgenoot blijft toeslagpartner tot 1 maart 2021.