ECLI:NL:RBZWB:2023:1907
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig besluit op AVG-verzoek en oplegging dwangsom
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op zijn AVG-verzoek van 17 maart 2022, nadat de rechtbank bij uitspraak van 15 augustus 2022 verweerder had opgedragen binnen twee weken alsnog te beslissen.
De rechtbank stelt vast dat verweerder niet binnen de gestelde termijn heeft beslist, waardoor het beroep gegrond is. Verweerder wordt opgedragen binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €250 per dag op voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt, met een maximum van €37.500. Verweerder moet tevens het betaalde griffierecht en proceskosten van eiser vergoeden.
De rechtbank ziet geen aanleiding af te wijken van het landelijke beleid en kwalificeert het geschil als licht van aard. De proceskostenvergoeding wordt vastgesteld op €418,50.
De uitspraak is gedaan door rechter I.M. Josten en openbaar gemaakt op 22 maart 2023.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, draagt verweerder op binnen twee weken alsnog te beslissen en legt een dwangsom op.