ECLI:NL:RBZWB:2023:5475
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroepen tegen kennisgevingen teruggaaf BPM en belastingrente
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 3 augustus 2023 uitspraak gedaan in de zaak waarin belanghebbende beroep instelde tegen 29 kennisgevingen van teruggaaf BPM en belastingrente. Deze kennisgevingen volgden op een eerdere uitspraak van de rechtbank van 29 december 2015, waarin partijen een vaststellingsovereenkomst sloten over de teruggaaf en rentevergoeding.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de kennisgevingen, waarvan een deel gegrond werd verklaard door de inspecteur. De rechtbank oordeelt dat de kennisgevingen geen voor bezwaar vatbare beschikkingen zijn, omdat zij uitvoering geven aan de vaststellingsovereenkomst. Hierdoor zijn de beroepen niet-ontvankelijk. De rechtbank wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat de gemachtigde ter zitting verklaarde dat geen spanning en frustratie bij belanghebbende aanwezig is.
De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot betaling van proceskosten van € 2.511 en vergoeding van het griffierecht van € 338 aan belanghebbende. De uitspraak is onherroepelijk tenzij binnen zes weken hoger beroep wordt ingesteld bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: De beroepen tegen de kennisgevingen teruggaaf BPM en belastingrente worden niet-ontvankelijk verklaard.