Uitspraak
Uitspraak van de meervoudige kamer van 5 oktober 2023 in de zaak tussen
de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Feiten
“Geen v.i. in NL. Schriftelijke onderbouwing volgt”.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende, een vennootschap statutair gevestigd in het buitenland, werd door de inspecteur belast met het verstrekken van informatie over haar feitelijke leiding en financiële gegevens voor de jaren 2016 tot en met 2018. De inspecteur stelde dat deze informatie noodzakelijk was om te beoordelen of belanghebbende in Nederland belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting.
Belanghebbende weigerde de gevraagde informatie te verstrekken, met het argument dat zij niet in Nederland belastingplichtig zou zijn en dat de inspecteur een fishing expedition zou houden of misbruik van bevoegdheid (détournement de pouvoir). De rechtbank oordeelde dat de inspecteur voldoende concrete aanknopingspunten had om het verzoek te rechtvaardigen en dat er geen sprake was van misbruik van bevoegdheid.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende niet aan haar informatieverplichting had voldaan, behalve het verstrekken van de uitgebreide jaarrekening 2016 in de beroepsfase. Daarom verklaarde de rechtbank de beroepen ongegrond en bevestigde de informatiebeschikkingen. Tevens stelde zij een termijn van vier weken voor belanghebbende om alsnog aan de informatieverzoeken te voldoen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de informatiebeschikkingen, met een termijn van vier weken voor belanghebbende om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.