ECLI:NL:RBZWB:2023:8288
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ongeldigverklaring rijbewijs wegens alcohol- en drugsmisbruik
Eiser werd op 16 maart 2022 staande gehouden met een THC-gehalte van 17 microgram per liter bloed, ruim boven de toegestane limiet. Het CBR legde een medisch onderzoek op en schorste het rijbewijs. De psychiater stelde diagnoses van drugsmisbruik en alcoholmisbruik op basis van laboratoriumonderzoek, waaronder een sterk verhoogde CDT-waarde, en concludeerde dat het alcoholmisbruik niet was gestopt ten tijde van het onderzoek.
Het CBR verklaarde het rijbewijs ongeldig wegens deze bevindingen. Eiser betwistte het drugsmisbruik en ontkende een alcoholprobleem. De rechtbank oordeelde dat het psychiaterrapport deskundig en zorgvuldig was en dat het CBR terecht op dit rapport mocht vertrouwen. De discrepanties in de verklaringen van eiser en de laboratoriumwaarden wezen op onderrapportage.
De rechtbank overwoog dat het CBR ook rekening mocht houden met relevante omstandigheden zoals de verhoogde CDT-waarde, ondanks dat eiser bij aanhouding geen alcohol had gedronken. Zonder tegenrapport van een medisch deskundige kon het psychiaterrapport niet worden weerlegd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens alcohol- en drugsmisbruik wordt ongegrond verklaard.