ECLI:NL:RBZWB:2023:9563
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen verkeersboete wegens strijd met beleidskader digitale handhaving geslotenverklaringen
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het negeren van een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op de Houtmarkt in Breda op 25 november 2020. Betrokkene stelde dat het voertuig zonder haar wil werd gebruikt door haar moeder, die meerdere boetes veroorzaakte. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en de boete in beginsel terecht is opgelegd. Echter, het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in een arrest van 24 februari 2023 geoordeeld dat de eerste boetebeschikking moet zijn verzonden voordat een volgende boete kan worden opgelegd, zodat betrokkene de kans krijgt zijn gedrag aan te passen.
In deze zaak waren in totaal 13 boetes verzonden voor overtredingen tussen 23 en 26 november 2020, maar alle boetes, inclusief de eerste, werden pas op 10 december 2020 aan betrokkene verzonden. Hierdoor zijn 12 boetes verzonden voordat betrokkene op de hoogte was van de eerste boete, waaronder de onderhavige boete van 25 november 2020.
Dit is in strijd met het beleidskader digitale handhaving, waardoor het beroep gegrond is verklaard. De beslissing van de officier van justitie en de boetebeschikking worden vernietigd en het betaalde bedrag van €104,- wordt terugbetaald. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete is gegrond verklaard en de boete is vernietigd wegens strijd met het beleidskader digitale handhaving.