ECLI:NL:RBZWB:2024:1223
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen UWV
Verzoekster, Actief Werkt! Techniek B.V., diende op 21 april 2022 een verzoek in tot herbeoordeling van een werknemer in het kader van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Het UWV besloot niet tijdig op dit verzoek, waarop verzoekster op 23 juni 2022 een ingebrekestelling indiende. Het UWV kende op 30 augustus 2022 een dwangsom toe vanwege het niet tijdig beslissen.
Op 27 oktober 2023 stelde verzoekster beroep in tegen het uitblijven van een besluit. Het UWV nam op 22 november 2023 alsnog een beslissing, waarna verzoekster het beroep introk en verzocht om vergoeding van de proceskosten. De rechtbank stelde het verzoek tot proceskostenveroordeling aan het UWV als kennelijk gegrond vast.
De rechtbank bepaalde de proceskosten op € 437,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht en de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep dat geschillen over het uitblijven van een besluit als licht moeten worden beschouwd. Daarnaast wees de rechtbank erop dat het UWV het betaalde griffierecht van € 365,- moet vergoeden op grond van artikel 8:41, zevende lid, van de Awb.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekster van € 437,50.