ECLI:NL:RBZWB:2024:1472
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens juiste vaststelling historische nieuwprijs en CO2-uitstoot
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM van €4.084 opgelegd door de inspecteur. De kern van het geschil betrof de juiste vaststelling van de CO2-uitstoot, de historische nieuwprijs van de auto en de waardevermindering door schade.
De rechtbank oordeelde dat de CO2-uitstoot moet worden vastgesteld op 280 gr/km zoals op het kentekenbewijs vermeld, en dat de historische nieuwprijs moet worden berekend op basis van de netto catalogusprijs van de referentieauto plus de historische bruto BPM. De rechtbank verwierp het standpunt van de inspecteur dat de handelsinkoopwaarde evenredig moet stijgen met de historische nieuwprijs, omdat dit niet aannemelijk was gemaakt.
Verder werd geoordeeld dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de auto meer dan normale gebruiksschade heeft, zodat de handelsinkoopwaarde niet verder verlaagd wordt. De naheffingsaanslag werd daarom verminderd tot €2.923. Daarnaast kreeg belanghebbende een vergoeding van €500 voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn en een proceskostenvergoeding van €2.370.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot €2.923 en belanghebbende krijgt een immateriële schadevergoeding en proceskosten toegekend.