ECLI:NL:RBZWB:2024:2715
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek om proceskostenvergoeding wegens overschrijding beslistermijn bezwaar
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar van 21 oktober 2022. Verweerder heeft uiteindelijk op 11 december 2023 alsnog op het bezwaar beslist, waarna verzoekster haar beroep introk. De rechtbank beoordeelt het verzoek van verzoekster om proceskostenvergoeding vanwege deze overschrijding van de beslistermijn.
De rechtbank stelt vast dat verweerder aan verzoekster is tegemoetgekomen door alsnog tijdig te beslissen, waardoor het beroep kon worden ingetrokken. Op grond hiervan kan de rechtbank verweerder veroordelen tot betaling van proceskosten aan verzoekster. Verweerder erkent het recht op een forfaitaire vergoeding met een wegingsfactor van 0,25 en vergoeding van het griffierecht.
De rechtbank wijst het verzoek toe en bepaalt de proceskostenvergoeding op € 437,50, gebaseerd op de ingediende beroepschrift en de beperkte aard van het geschil. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat verweerder verplicht is het griffierecht van € 50,- aan verzoekster te vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 25 april 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Dienst Toeslagen tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn op het bezwaar.